Voorwaarden

Er zijn een aantal algemene zaken waaraan de alleenstaande adoptieouder over het algemeen moet voldoen t.w:

Algemeen geldende adoptievoorwaarden voor een buitenlands kindje

  1. Leeftijd bij het indienen van het verzoek:
    De hoofdregel is dat u jonger dan 42 jaar moet zijn op het moment dat u een verzoek om een beginseltoestemming indient. Afwijking van deze regel is alleen in bijzondere gevallen mogelijk, waaronder de bereidheid een kind van twee jaar of ouder op te nemen. Daarnaast moet er sprake zijn van bijzondere geschiktheid om een kind uit het buitenland op te nemen. Deze geschiktheid wordt door de Raad voor de Kinderbescherming getoetst in de zogenaamde “IBO-procedure”. Bij adoptie door een alleenstaande kan een verzoek om afwijking van de leeftijdslimiet worden ingediend voordat u 44 jaar oud bent.
  2. Leeftijd van het kind:
    In Nederland kunnen alleen kinderen worden geadopteerd die op het moment dat zij Nederland binnenkomen jonger zijn dan zes jaar. Op deze regel zijn twee uitzonderingen mogelijk:
    * het gaat om een oudere broer of zus van een buitenlands kind dat al bij de aspirant-adoptieouder verblijft
    * het gaat om twee of meer kinderen, die niet van elkaar gescheiden kunnen worden zonder dat dit schadelijk is voor (één van) hen
  3. In principe kan er maar één kind tegelijk worden geadopteerd. In de beginseltoestemming is dit dan ook standaard opgenomen. Er zijn echter twee uitzonderingen:
    * broer(s) en zuster(s)
    * kinderen die aantoonbaar zo’n sterke band met elkaar hebben dat zij eigenlijk niet van elkaar gescheiden mogen worden.
  4. Leeftijdverschil bij het opnemen van een kind:
    Het leeftijdverschil tussen de aspirant-adoptieouder en het adoptiekind mag niet groter zijn dan veertig jaar op het moment dat het kind bij u komt. In bijzondere gevallen zijn uitzonderingen op deze hoofdregel mogelijk.
    Indien er al kinderen in het gezin aanwezig zijn (biologisch, pleegkind of geadopteerd) mag het leeftijdsverschil tussen de ouder en het te adopteren kind 42 jaar zijn. Hierbij geldt als restrictie dat het leeftijdsverschil tussen het te adopteren kind en het jongste kind in het gezin maximaal twee jaar is. Voorbeeld: De ouder is geboren op 26 mei 1960 en is in 2001 41 jaar oud. Haar geadopteerde dochter is van 15 december 1998. Op basis van de hoofdregel zou een tweede kind geboren moeten zijn voor 26 mei 2000. Echter, omdat er al een kind is moet een tweede kind uiterlijk 15 december 2000 geboren zijn.
    De opneming van een tweede kindje moet altijd leiden tot een onderplaatsing. Dat wil zeggen dat het tweede kindje jonger moet zijn dan de eerste.
  5. Medische behandelingen:
    De aspirant-adoptieouder moet verklaren dat hij/zij het kind alle benodigde medische behandelingen zal laten ondergaan, die voor het kind van levensbelang zijn. Uiteraard moet de ouder zelf geen levensbedreigende ziekte hebben.
  6. U moet woonachtig zijn in Nederland.